De beddensprei lag even nonchalant als jezelf. Je was opgestaan om 10. 00 uur stipt. Punctuele verveling.
De warmte was uit de lakens ontsnapt. Vijf vingers treuzelden cornflakes. Er lag een vreemde op een matras.
De warmte was uit de lakens ontsnapt. Vijf vingers treuzelden cornflakes. Er lag een vreemde op een matras.
Je lag weer te huilen op de trap