Hedendaags wordt er vaak genoeg gespeculeerd achter de politieke achterban van onze vertrouwde blauwe eighties figuurtjes. Liberalen!, werd er een keer opgeworpen, doch het zou incorrect zijn deze minuscule creaties bij hun huidskleur te beoordelen, m.a.w. aan dat politiek racisme hebben we hoegenaamd geen baat.
Een andere keer viel ‘communisme’ uit een mond. Toegegeven, dit schalt als radicalisme door onze trommelvliezen, doch deze theoretici hebben aanlokkelijke argumenten om deze denkpiste te staven.
Vooreerst leven smurfen in een kleine, afgebakende ‘commune’. Elke smurf is actief tewerkgesteld en er is sprake van een perfecte taakverdeling. Moppersmurf, natuursmurf, brilsmurf, knutselsmurf,…zijn enkele van de zo talrijke voorbeelden waarin deze wezens zich in hebben gespecialiseerd. Alle smurfen lijken daarenboven sterk op elkaar, meer nog, zij zijn niet van elkander te onderscheiden buiten hun arbeidsfunctie.(Met uitzondering van “zwarte smurf” -een door een zwarte vlieg besmette blauwe smurf-, later door criticasters veroordeeld als racisme en terstond bijgesteld tot “paarse smurf”)
Aanhangers van deze theorie verdedigen dit paradigma door de volgende stelling : “Door de afwezigheid van een monetair stelsel is arbeid de enige bron van handelswaarde. En doordat elke smurf in het dorp een specifieke functie heeft, is er geen concurrentie.”
Doch er zijn enkele significante details die dit communistische Utopia in elkaar doen zakken als de Toren van Babel. Mijn intentie is U te overtuigen dat “smurfenland” geen communistisch doch een anarchistisch regime is.
Vooreerst moet de term “anarchisme” worden gehanteerd ipv. “anarchie”. Anarchie betekent immers ‘het ontbreken van normen’ en de smurfenideologie is wel degelijk gefundeerd op waarden en normen. Zo is er sprake van een zeker solidariteitsgevoel – sterkere smurfen ondersteunen de zwakkere smurfen – en plichtsbesef – men moet zijn steentje bijdragen om het dorp goed te laten functioneren.
We kunnen dus afleiden dat deze wezens dus over een zeker moraalbesef beschikken. Dat houdt echter nog niet in dat zij communistisch zijn. Men kan het ‘smurfendorp’ niet toetsen aan eender welk bestaand communistisch regime – in heden of verleden-. Grote smurf vergelijken met Mao, Stalin of Fidel Castro zou een heuse belediging zijn aan het adres van Pierre Culliford. Tot op een zekere hoogte voert Grote Smurf wel een gecentraliseerd bestuur, alle conflicten worden met hem besproken en hij heeft een hoog aanzien t.o.v. zijn medebewoners, maar zijn ‘participatie’ is slechts gedetermineerd tot enkele ‘wijze uitspraken’ en richtlijnen of bevelen worden nooit meteen doorgevoerd. Bovendien beschikt elke smurf over het recht zijn eigen visie te verdedigen en soms leidt dat tot een tegengesteld standpunt dan Grote Smurf eerder had geopteerd. Er is dus een open-debatcultuur,en dus geniet Grote Smurf niet van die zekere politieke prestige dat een communistisch leider normaliter beoogt.
Smurfen zijn daarenboven ook geen marxisten, met name dat zij geen uitbuiting kunnen vaststellen, zij leven al in een utopisch klasseloze maatschappij. Er is ook geen enkele aanwijzing dat zij vooreerst wel uitgebuit werden, door de serie heen schijnt dat zij altijd al een pacifistisch, tolerant volkje zijn geweest. Verdraagzaam? Jazeker, tot op een zekere hoogte. Het smurfendorp is een gesloten Gemeinschaft, zij kijken wantrouwig naar elke andere samenleving en wensen het liefst dat er niet teveel veranderd aan de huidige situatie. Zij hebben echter wel vriendschappelijke relaties met andere volkeren, wat erop duidt dat zij zichzelf niet superieur achten, doch gewoon het liefst met rust gelaten worden.
Gargamel wordt door de “communisme-theorie” beschouwt als de kapitalist die de smurfen keer op keer probeert te onderdrukken. Bizar genoeg is Gargamel geen inwoner van het dorp, maar zoals het anarchisme bepleit een buitenstaander die door zijn autoritaire karakter het smurfendorp wil vernietigen. De Smurfen vrezen Gargamel, daar zij vrezen hun individuele rechten te verliezen. Dat Gargamel de Smurfen wil veranderen in goud lijkt mij eerder een misplaatste midas-metafoor, men kan hem hierdoor bekijken als een dolgedraaide materialist, doch geen kapitalist. Kapitalisme heeft zo zijn voor- en tegenstanders, maar is gefundeerd op een zekere vorm van ‘investering’, er is geen aanwijzing dat Gargamel wil investeren in het Smurfendorp of het Smurfendorp zodanig wil modereren naar zijn eigen ideologie, hij wil het enkel verwoesten.
Respect voor de individuele vrijheid is de idee dat alle smurfen beamen. Zij wonen niet in de drukte van een metropool, doch in een kleine agrarische gemeenschap bestaande uit ambachtslui en kleine boeren. Er bestaat ook niet de ambitie naar een expansie van het smurfendorp te ijveren, er is nooit een gebied geannexeerd, hoewel dit dorp geen duidelijke grenzen kent. Zij leven allemaal in soortgelijke huizen – paddenstoelen, doch onderscheidt zich hierin met het communisme dat elke smurf wel degelijk zijn eigen woonst ‘bezit’.
Ten laatste wil ik nog inpikken op een stelling dat ik daarstraks al even uit de doeken heb gedaan: hun taakverdeling. Elke smurf heeft zo zijn talenten, en probeert die te maximaliseren om tot een efficiënt ‘bestuur’ te leiden. Doch is het u niet opgevallen dat er ook artistieke smurfen bestaan (dichtsmurf, beeldhouwsmurf,…) die zelf hun eigen visie op de samenleving reflecteren. M.a.w., er bestaat geen uniform dogma waaraan de smurfen moeten voldoen, zij maximaliseren hun talenten op die manier die zij zelf efficiënt achten. Communisme?
Hiertoe roept vanzelf de nodige retoriek: Peyo = pseudoniem voor Proudhon?
